De Stand van Zaken

0

Een compleet nieuw hotel laten verrijzen of een historisch monument ingrijpend verbouwen: het zijn twee uitdagende bouwprojecten waarvoor veel moed en uithoudingsvermogen nodig is. Magchelina van der Valk, mede-eigenaar van Van der Valk Hotel Delft A4 nodigde Janelle Moerman, directeur van Museum Prinsenhof Delft, uit voor een lunch om ervaringen uit te wisselen.

Magchelina van der Valk | Museum Prinsenhof wordt in 2025 ver-bouwd. Hoe zie je die opgave?

Janelle Moerman | Het museum wordt voor het eerst in zeventig jaar verbouwd én vernieuwd. Zoiets doe je dus voor de komende generaties. Dat voelt als een grote verantwoordelijkheid. Het is vooral zaak om het goede te behouden en een paar ingrepen te doen om het museum toekomstbestendig te maken.

MvdV | Een overeenkomst tussen onze opgaves is dat de gasten centraal staan maar bij jou – met al die partijen – was het proces een tandje complexer, lijkt me?

JM | Ja, er zijn veel partijen bij dit bouwproject betrokken: de gemeente, de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, noem maar op. Je bent dus continu in gesprek. Eigenlijk participeert de hele stad. Die kogelgaten van de moord op Willem van Oranjes zijn namelijk van iedereen. We hadden dus een breed draagvlak nodig.

MvdV | Wist je toen je bij het museum begon dat een verbouwingnoodzakelijk was?

JM | Ja, toen ik in 2017 begon, maakte dat deel uit van mijn opdracht. Dat het zo ingrijpend en grootschalig zou zijn, besefte ik toen nog niet. Ik heb ooit een verbouwing gedaan in Voorburg, bij Hofwijck, maar dat was van op kleinere schaal. En jij?

MvdV | Mijn man Rob en ik runden een hotel in Assen. Dat hebben we elf jaar lang gerenoveerd. We wilden graag iets nieuws beginnen. Dat kon omdat Rob een nazaat is van de daadwerkelijke oprichters. Dat is de voorwaarde: je moet in de bloedlijn zitten om een licentie aan te vragen. Dan begint het proces echt: de financiering op orde krijgen, grond werven, ga zo maar door. Bij een hotel heb je alle vrijheid om te maken wat je wilt. We begonnen met een interieurarchitect, maar dat werkt niet als je het project ontwikkelt en tegelijkertijd eindgebruiker bent. Functionaliteit heeft de hoogste prioriteit, daarna volgt vormgeving. Uiteindelijk hebben we het ontwerpproces zelf opgepakt. Rob heeft het functionele ontwerp gemaakt en mijn schoonmoeder Cécile en ik hebben het interieur voor onze rekening genomen.

JM | Dat is bij ons inderdaad anders. Ons team werkte nauw samen met een projectarchitect. Samen ga je op zoek naar balans. Wat werkt? Hoe zijn de bezoekersstromen? Hoe willen we dat het eruitziet? Je formuleert samen kernpunten, zoals elegantie en teruggaan naar de kloostertijd, maar de tentoonstellingsmakers moeten ook kunnen uitpakken. We hebben laatst geteld: we hebben meer dan vijftig deelprojecten gehad.

MvdV | Ja, zo’n bouwtraject vraagt veel en is uiterst leerzaam. Dat realiseer je je pas midden in het proces. Ik heb echt weleens een traan gelaten. Niets gaat vanzelf. Af en toe moet je jezelf opnieuw uitvinden. Om dat vol te houden, is het belangrijk tussentijds successen te vieren. Dat zijn momenten waaraan je je kunt vasthouden.

JM | Ik ben een optimistisch mens: ik zie altijd kansen en mogelijkheden. Dat is fijn, want je moet wel door al die fases heen. Je moet mensen laten meebewegen in het verhaal dat we willen vertellen. Daarvoor is draagvlak nodig.

MvdV | Ik ben weleens op de zolder van het museum geweest. Dat was een eye-opener. Dan zie je dat er flink wat moet gebeuren.

JM | Zo’n verbouwing is nodig om Delft verder te brengen. Een museum zorgt voor een stevige spin-off. Het levert de middenstand jaarlijks zo’n 5 à 6 miljoen euro op en de hotels zo’n 15.000 overnachtingen. Je moet mensen blij maken met een tentoonstelling, maar je moet er ook voor zorgen dat ze de stad in gaan. Het fijne is dat cultuurtoeristen iets meer geld hebben te besteden. Een goede culturele infrastructuur is dus belangrijk. Je hebt elkaar nodig. En jij? Hoe ben jij in Delft beland?

MvdV | Van origine ben ik Rotterdamse, dus het voelt alsof ik ben teruggekeerd. Het hotel ligt officieel in Midden-Delfland, maar ook aan de rand van Delft. We schuren dus tegen twee gebieden aan. Het is uitdagend maar ook heel bevredigend om op deze plek iets van de grond af op te bouwen. Wellicht verbazen sommigen zich erover dat wij dit zo eigenhandig hebben aangepakt. Ik kom echter uit een echt ondernemersgezin en heb een achtergrond in hospitality en evenementenmanagement. Dan is het vanzelfsprekend om je bezig te houden met vragen als: Wat past bij ons? Welke sfeer willen we neerzetten?

JM | Daar heb ik gelukkig ook invloed op. Het is zo belangrijk: welke koers zet je uit? Je wilt uitstijgen boven je collega musea, want mensen kunnen naar heel veel musea gaan. Je kunt je bijvoorbeeld onderscheiden met een pakkende tentoonstelling en goede programmering.

MvdV | Dat geldt ook voor ons hotel. De keuzes die je maakt, moeten zo persoonlijk mogelijk zijn. Dan pas kunnen mensen de liefde voelen die je in het interieur, de gastvrijheid en het eten stopt. Het hele gevoel moet kloppen.

JM | Dat was bij jullie heel spannend, want jullie begonnen bij nul.

MvdV | Inderdaad, heel spannend. Drie jaar geleden hadden we nog niets. En nu? Nu hebben 140 mensen een baan in ons hotel en hebben al duizenden gasten hier overnacht en kennisgemaakt met onze gastvrijheid. Daar doe je het voor.

JM | Ik kijk er ook naar uit om die totaalervaring straks weer te kunnen bieden. We sluiten in 2025 en blijven dan twee jaar dicht voor de verbouwing. Dat kan helaas niet anders: de restauratiewerkzaamheden en nieuwe klimaatinstallatie vragen nu eenmaal om veel tijd. Ons team moet ook op zoek naar een nieuwe werkplek.

MvdV | Wat is de allergrootste uitdaging in deze fase?

JM | De werving. En straks de nieuwe verhalen die we willen vertellen. Tussentijds moet het museum ook zichtbaar blijven. Daarom gaat onze collectie reizen en lopen de educatieve programma’s door. Natuurlijk ben ik weleens bezorgd of we de einddatum halen en of we binnen het budget blijven, maar gelukkig zijn er goede ervaringen van collega’s. Zo is bi jhet Mauritshuis de verbouwing uitstekend verlopen.

MvdV | Waar ben je nu het meeste trots op?

JM | Dat ons verhaal in Delft na de eerste hobbels uiteindelijk zo goed is geland. Het definitieve ontwerp wordt door iedereen omhelsd. Op 1 februari was het raadsbesluit: 33 voor, 1 tegen. Bij zo’n grote culturele investering is dat uitzonderlijk.

Tekst: Jan van der Mast l Foto’s: Sam Rentmeester

Vorig artikelDinosaurus als publiekstrekker
Volgend artikelOndernemer Maurice aan het woord