Elektrische DragonFly vliegt dit jaar uit

0

De mannen bij de koffieautomaat in de hangar van de opleiding Luchtvaarttechnologie van Inholland maken er een grap van. Op de vraag ‘Wanneer vliegen we allemaal elektrisch naar onze vakantiebestemming?’ luidt het antwoord: ‘Zodra we een heel lang verlengsnoer hebben.’ Toch is deze toekomstdroom wellicht dichterbij dan we denken.

Theo de Graaff, een ervaren vliegtuigbouwer van GKN Fokker, blikt terug en vooruit: “In mijn begintijd ging het in de luchtvaart alleen maar over groter en sneller. Klimaat speelde geen rol en het woord vliegschaamte bestond nog niet. Nu, aan de vooravond van mijn pensioen, draag ik bij aan een nieuwe industriële revolutie en werk ik met de studenten en docenten van Inholland aan een duurzame toekomst voor de luchtvaart.”

DragonFly

Het imposante gebouw op de TU Delft Campus is de thuisbasis van de opleiding Aeronautical & Precision Engineering, ofwel Luchtvaarttechnologie, van Inholland. Overal waar je kijkt, zitten studenten geconcentreerd achter opengeklapte laptops of staan gebogen over schaalmodellen en onderdelen. Ze werken samen aan de elektrische DragonFly, vernoemd naar het tweepersoonsvliegtuigje dat in de open ruimte staat. De studenten, docenten en onderzoekers hebben een gezamenlijke missie: het in de lucht brengen van het eerste elektrisch voortgestuwde vliegtuig. En die mijlpaal staat voor de deur. Als alles goed blijft gaan, kiest het geëlektrificeerde toestel eind dit jaar het luchtruim.

Wij doen continu toegepast onderzoek om de innovatie te versnellen

Pionieren

Hoewel pas 27 jaar jong is Mark Ommert al vijf jaar afgestudeerd ingenieur Luchtvaarttechnologie. Hij is inmiddels freelancer in de duurzame luchtvaart en is voor Inholland Engineering Manager binnen het Project DragonFly. De fascinatie voor vliegen begon bij hem al vroeg. “Vanaf de eerste vliegvakantie met mijn ouders verbaasde ik me over hoe dat kon, vliegen. Als kind wilde ik niets anders dan piloot worden.” Na de middelbare school bleek de arbeidsmarkt voor piloten echter krap. Daarom koos hij voor een studie luchtvaarttechnologie bij Inholland, waar hij nu aan de vooravond staat van de eerste vlucht ooit met een elektrisch aangedreven vliegtuig. “Met vier studenten zijn we dit project in 2019 gestart”, vervolgt hij. “We hadden geen idee waaraan we begonnen. Want elektrisch vliegen is nieuw en totaal anders dan conventionele vliegtuigtechniek. Alles moet ontwikkeld worden; het is ontdekken en pionieren. De ontwikkeling van een elektrisch aangedreven vliegtuig verschilt met die van een elektrische auto. Als een auto stilvalt, zet je hem aan de kant en kijkt wat er mis is. Maar wij moeten de lucht in. We kunnen testen wat we willen met op afstand bestuurbare schaalmodellen en dat gaat heel goed, maar vliegen met mensen aan boord is toch iets anders. Daarbij is veiligheid bij bemande luchtvaart nog belangrijker. Inmiddels hebben al ruim tweehonderd studenten een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van het vliegtuig.”

Innovatie versnellen

Project DragonFly past naadloos bij de visie van Inholland, vindt docent en programmamanager Arnold Koetje. “Wij leiden op voor de beroepspraktijk en doen continu toegepast onderzoek om innovatie te versnellen. De luchtvaart is op dit moment verantwoordelijk voor drie procent van de wereldwijde uitstoot van kooldioxide. Maar over vijftien jaar is de luchtvaart in omvang verdubbeld ten opzichte van nu. Dat betekent dat het steeds urgenter wordt om efficiënter en duurzamer te vliegen.” Om dat proces te versnellen, slaan onderwijsinstellingen, de overheid en het bedrijfsleven de handen ineen. Leveranciers investeren mee en de kennis die studenten opdoen, passen zij toe in de doorontwikkeling van hun producten. Veel draait om een zo licht mogelijke constructie van het vliegtuig. Daarbij wordt onder andere samengewerkt met composietproducenten KVE en Toray om een zo licht mogelijke romp te creëren. Het Brabantse Saluqi Motors heeft een elektromotor speciaal voor de luchtvaart ontwikkeld. Samen met de studenten werken ze aan composietonderdelen die de motor nog lichter maken. Siemens helpt de studenten met software om ontwerpprocessen te certificeren.

Elektrisch vliegen is totaal anders dan de conventionele vliegtuigtechniek

Elektrisch vliegen is de toekomst

De luchtvaartindustrie staat te springen om mensen, weet Koetje. “Bij KLM verdwijnt de komende jaren vijftig procent van het technisch personeel, voor een groot deel door vergrijzing. Zij ontvangen onze afstudeerders met open armen. Inholland Delft is de enige hogeschool in Nederland die zich specifiek richt op vliegtuigbouw.” De komende jaren zal steeds meer elektrisch worden gevlogen met kleine, lichte toestellen over relatief kleine afstanden, voorspelt Koetje. In Delft is het al bijna zover. “Met onze DragonFly verwachten we aan het einde van dit jaar 45 minuten ononderbroken te kunnen vliegen. Dat is een wereldprestatie.”

Enige in zijn soort

De opleiding Luchtvaarttechnologie bij Inholland telt in totaal zevenhonderd studenten. Het is de enige hbo-studie in Nederland die specifiek opleidt in het ontwerpen, testen en bouwen van vliegtuigen. De vier hoofdstromen binnen de studie zijn Structures, Performance, Manufacturing en Smart Systems.

Tekst: Marc Boekenstijn | Foto: Studio Oostrum

Vorig artikelEditie 30.2024
Volgend artikelDe kerk als plek voor bezinning